Beeldvorming in roerige tijden (blog Zorg en Welzijn oktober 2018)

Een bezorgde medewerkster verzuchte tegen mij dat haar organisatie geen social media beleid heeft. Ze maakt zich zorgen over de beeldvorming naar de buitenwereld. Zij zag de mogelijkheden wel, maar ze had geen tijd en ook niet de positie om er iets aan te veranderen. Maar is dat wel zo? Volgens mij zit ze namelijk op goud.

Versnipperd beeld

Een simpele check gaf mij een beeld dat ik vaker tegen kom. Het Instagram account leek door een stagiaire begonnen en lag nu stil (actief in het schooljaar 2017 / 2018). Op Facebook wordt alleen maar verslag gedaan van leuke activiteiten met de doelgroep. De organisatie deelt daar nul vacatures! Die worden bovendien onregelmatig verspreid op verschillende social media kanalen. Alle kanalen worden sowieso onregelmatig gevoed met nieuwe berichten. Soms met grote pauzes ertussen.

Als je naar het aantal volgers kijkt zit daar best potentie in. Ik kwam op vier social media platformen samen op 3767 volgers / geïnteresseerden. Niet slecht. Een planmatige aanpak is dan best een goed idee. Tijd voor een social media beleid (wat wil je bereiken en waarom) en een social media strategie (hoe ga je dat bereiken).

Wat vertellen we eigenlijk?

Landelijk zwelt de onrust in “de zorg” aan. Het aantal administratieve regels en de werkdruk moeten naar beneden, het salaris omhoog. En er is arbeidskrapte. In het onderwijs, bij de politie en in de zorg. Klaver gooit nog wat olie op het vuur en hoopt op een brede maatschappelijke opstand: 2 miljard extra moet er naar de publieke sector!

We snijden in onze vingers

Dat is nogal wat. Hoe gaan we dat voor elkaar krijgen? Hebben “Ontregel de zorg” (medewerkers), “Ik zorg” (werkgevers) of “Wij staan op” (Klaver) het juiste effect? Ik ben bang van niet. Juist in een tijd dat beeldvorming zo belangrijk is zetten we met elkaar de spotlights op wat er niet goed gaat. Gaat dat negatieve beeld tot investeringen leiden? Wat denk jij?

De structurele fout

De campagnes delen een structurele fout. Het gaat alleen maar om ons, niet om de klant. Want wat je niet ziet is het resultaat van al het werk dat hulpverleners dagelijks leveren. De sterkste troef om meer geld, minder regels en meer collega’s te krijgen is te laten zien hoe blij mensen zijn met de dienstverlening. Hoe belangrijk het is in het leven van iemand dat er een hulpverlener is.

Daar zit het goud

De medewerkster waar het mee begon is prima in staat te vertellen over het belang van haar werk. Iedere cliënt die door haar is geholpen dat zal beamen. Dat is goud waard (of 2 miljard …). Waarom zien we niet vaker dat die twee samen (kunnen) gaan staan voor het belang van het werk? Volgens mij is dat het meest krachtige verhaal.

Ambassadeurs

Beiden kunnen de ambassadeurs voor de organisatie zijn. Een ijzersterke combinatie. Dat kan snel, makkelijk en zonder veel kosten prima via social media, als je dat goed inricht. Maar je ziet vaak dat communicatie is weggehaald bij de medewerker. En je ziet dat cliënten nauwelijks aan het woord komen. Vanuit communicatie gezien sta je dan al op achterstand.

Lees ook: https://www.welzijn30.nl/pak-je-podium-blog-zorg-en-welzijn-februari-2018/