Categorie archief: gastblog

Negen urgente redenen om in 2019 van digitalisering een speerpunt te maken (blog Zorg en Welzijn december 2018 of januari 2019)

Negen urgente redenen waarom in 2019 een professionele visie op digitalisering van sociaal werkers en hun organisaties gevraagd wordt.

  1. De context is digitaal geworden

Digitalisering is de meest recente grote stap in de ontwikkeling van de mensheid. Digitale technologie is overal en altijd om ons heen. Het maakt ons leven makkelijker. Maar ook ingewikkelder. Als werker sta je midden in de maatschappij en krijg je met beide te maken.

  1. Blijven aansluiten als beroepsgroep

De achilleshiel van de sociale sector. Werkers zijn vaak mensen-mensen. Techniek heeft niet de grootste interesse. Maar maatschappij en (werk-)prosessen doen een steeds groter beroep op digitale vaardigheden. Niet kunnen meedoen is jezelf buitenspel zetten. Je wil toch relevant blijven voor je werkgever en de samenleving?

  1. Duurzaam inzetbaar zijn als professional

Competenties als zichtbaar zijn, ondernemend werken, netwerken, signaleren, activeren en innoveren bieden ruimte voor een online invulling. Social media moet iedereen kunnen toepassen en basale computervaardigheden zijn al langer een must. Bijscholing is essentieel om duurzaam inzetbaar te zijn in het sociaal domein.

 4.  Doelgroepen ondersteunen bij hun participatie

Wie zelfredzaam wil participeren zal op internet zijn zaakjes moeten kunnen regelen. Professionals moeten in staat zijn daarbij te ondersteunen, of voorzieningen op te zetten waar doelgroepen die ondersteuning kunnen krijgen. Waar nodig 24/7.

  1. Mee-oplossen van maatschappelijke problemen

Eenzaamheid, gezondheid en cohesie. Sociale media zorgen voor menselijk contact zonder fysieke nabijheid. Via apps en gamification-elementen worden mensen aangespoord te bewegen en hun gezondheid te monitoren. Buren kunnen per app-groep iets voor elkaar betekenen. Kansen die werkers kunnen initiëren en uitbouwen.

  1. Zorg komt digitaal de wijk in

Zorg wordt steeds meer thuis, in de wijk geleverd m.b.v. digitale diensten als beeldbellen, apps en digitale meetapparatuur. Minder ziekenhuisbezoek verlicht de druk op het dagelijks leven van patiënten. Wijkgerichte professionals krijgen hierdoor met complexere “situaties achter de voordeur” te maken.

  1. Innovatie van dienstverlening

Bestaande dienstverlening kan vaak een online variant krijgen. Van werkers vraagt dit wel een extra set digitale vaardigheden omdat vaak doorgevraagd moet worden hoe iemand erbij zit en hoe de boodschap ontvangen wordt. Maar dat is te trainen.  Digitalisering schept ook mogelijkheden voor nieuwe diensten in het sociaal domein (die als we niet oppassen zeker door externen zullen worden opgepakt).

  1. De digitale kloof

Nederland telt 3,5 miljoen laaggeletterden en digibeten voor wie het sturen van e-mail al ingewikkeld is. ‘Onze informatiesamenleving lijkt hen te vergeten, er ontstaat een digitale kloof’, waarschuwde het Sociaal en Cultureel Planbureau. Het sociaalwerk heeft de verantwoordelijkheid deze mensen te ondersteunen. Hoe voorkomen we dat mensen het niet meer bij kunnen benen en de maatschappij de rug toe keren?

  1. Andere digitaal gerelateerde zorgvragen

Internetverslaving, gameverslaving, psychische druk (fear of missing out), sexting, cyberpesten, enz. Bijwerkingen die ontwrichtend kunnen zijn in levens. Als sociaal werker heb je hier minimaal een signalerende functie. Weet waar je dan hulp kunt krijgen.

Er is geen argument meer waarom er geen aandacht voor digitalisering in het sociaal domein zou zijn. Integendeel. Sociale professionals in Nederland kunnen een belangrijke rol spelen en nieuwe kansen benutten.

Wat ga jij in 2019 oppakken?

Hans Versteegh

Welzijn 3.0

www.welzijn30.nl

Wil je weten hoe je getraind kan worden? https://www.welzijn30.nl/social-media-workshop-in-zorg-en-welzijn/ 

Amazon is op oorlogspad met ons (Blog Zorg en Welzijn november 2018)

Het VPRO-programma Tegenlicht maakte onlangs nog eens helder dat data en artificial intelligence (AI) het voor tech-bedrijven als Amazon mogelijk maken dienstverlening uit te breiden naar de gezondheidszorg. Het bedrijf is in staat gezondheid en het gebruik van zorg voorspellen. En ontwikkelt nu eigen gezondheidsdiensten die ook in Europa / Nederland geleverd gaan worden. De vraag is hoe dit uit gaat pakken. Amazon kan je hier trouwens net zo makkelijk kan vervangen door Apple, Microsoft of Google.

Hoe werkt het?

Binnen Amazon stelt men zich de vraag: “hoe kunnen we ons bedrijf het best om zeep helpen.” Daar komen een paar verontrustende ideeën uit die zo reëel mogelijk worden uitgewerkt. En vervolgens gaan ze juist dát doen, om de concurrent voor te blijven. Want, als zij het kunnen bedenken, dan kan de concurrent het ook. En die zal het ook gaan doen, als je te lang wacht. (Misschien is het een idee om deze exercitie ook eens in je eigen organisatie te doen?)

Amazon neemt de markt over door zich te verbinden aan een aantal grote spelers. Die in feite hun concurrenten zijn. Denk aan grote zorgaanbieders, verzekeraars, grote kennisinstituten en ook aan de overheid. Die zien natuurlijk wel wat in zo’n machtige innoverende partner en zetten de deuren open.

Amazon zal de hele keten van zorg verlenen zo gaan organiseren dat het sneller, beter en goedkoper kan, gebaseerd op informatie (data) uit cloud- en web-services. ICT / technologie, als basis van vernieuwing en leidend van begin tot eind. Van reclame tot opslag, verzenden, transporteren, aanbieden tot klanttevredenheid. Wat ze aanbieden is daarbij gratis of net onder de kostprijs.

Binnen “samenwerkingsverbanden” haalt Amazon de krenten uit de pap en laat de rest (verliesgevende diensten die niet te digitaliseren zijn) doodbloeden. Daar waar gevestigde organisaties binnen het stelsel moeten handelen, zal Amazon als een soort Uber zich er onder vandaan kunnen wringen. Zonder last van verantwoordelijkheidsgevoel of maatschappelijke waarden. Waarna afscheid genomen wordt van de partner / concurrent en consumenten meer gaan betalen vanwege de bereikte monopolie positie. Bestuurders, organisaties en medewerkers in verwarring en wanhoop achterlatend.

Dat noemen we disruptie.

Of loopt het zo’n vaart niet?

Biedt de structuur zoals wij die in het zorgstelsel kennen waarborgen voor continuïteit op langere termijn? Of gaat dat juist een blok aan het been zijn voor innovatie? De gemiddelde levensduur van organisaties is al gedaald van 65 naar 10 jaar. Gaan we er last van hebben wanneer organisaties het gevaar weldegelijk zien, maar gebonden zijn aan de kaders van ons stelsel?

Daarbij komt nog dat onze sector soms aards-conservatief lijkt. De digitale transformatie van zorg en het sociaal domein gaat stroperig. Ok, er is aandacht voor elektronische patiëntendossiers, robots logeren bij cliënten om van te leren en patiënten leren beeldbellen en chatten met zorgaanbieders (of andersom). Maar er zijn nog weinig organisaties die grootschalig diensten verlenen die louter gebaseerd zijn op ICT en data. En die zijn vooralsnog alleen zorg gerelateerd.

Wie gaat het tij keren?

Hebben we in de zorg en het sociaal domein visionaire bestuurders, managers en toezichthouders die het benodigde kennisniveau rond digitalisering bezitten? Die in staat zijn ICT als essentiële basis te doorgronden en te erkennen voor innovatie? Die snappen dat dit de enige weg is om te kunnen overleven? Die het lef hebben om kaders en structuren daarvoor los te laten?

Bestuurders en de digitalisering van hun organisaties; ze moeten iets met elkaar. Komt het goed? Ik ben er niet helemaal gerust op. Maar we gaan het de komende jaren zien.

Verschenen op https://www.zorgwelzijn.nl/blog/29847-2/

Lees ook: https://www.welzijn30.nl/waarom-2025-digivaardig-sociaal-werk/

Wanneer Amazon de zorgketen beheerst (Blog Zorg en Welzijn, november 2018 )

Het kinderdagverblijf van mijn jongste dochter heeft een automatisch alert uitgedaan naar de Whatsappgroep van de ouders. Er heerst griep. De kritieke grens van 25% zieke kinderen per groep is in zicht. Vanaf volgende week gaan groepen samengevoegd worden. Het rooster voor de leidsters is al door de computer gemaakt. Ik Google op internet naar griepsymptomen bij kinderen en vind diverse YouTube filmpjes.

Voorspellen

Het kinderdagverblijf heeft automatisch hun leverancier Amazon geïnformeerd. Dat zorgt voor de bevoorrading van het dagverblijf, maar biedt ook extra service voor ouders. Amazon laat weten op basis van big data (uit alle aangesloten kinderdagverblijven) gezien te hebben dat er een griepgolf aankomt onder jonge kinderen, de komende drie weken. En voorspelt voor mijn regio een stijging van 35% in het aantal ziektegevallen.

Opslag

Amazon heeft alvast extra zetpillen paracetamol ingekocht. Ik heb er reclame over langs zien komen op internet. Die pillen liggen nu te wachten in het regionale distributiecentrum. Een geruststellende gedachte.

Transport

De zetpillen kunnen per drone bij mij bezorgd worden zodra het dagverblijf de afwezigheid van mijn kind in hun systeem heeft bemerkt. Dat gebeurt wanneer zij niet om uiterlijk 09.00 uur met de KDV-chip door het poortje is gelopen en ik geen verklaring heb gegeven. Zij wordt dan als absent vastgelegd in het systeem en ik weet; Amazon zal ingelicht worden. Maar dat zien we morgen wel, eerst vroeg naar bed.

Aanbieden

De volgende dag is ze inderdaad ziek. Ik hou haar thuis. Om 09.05 krijgt ik een alert op mijn smartphone. De dagverblijf-app vraagt waarom mijn dochter er niet is. Ik vinkt aan: griep. Ik hebt dan al in mijn Google-agenda alle werkafspraken verplaatst. Daarmee is Google’s zelfrijdende auto afbesteld die mij anders naar mijn werk had gebracht.

Om 09.10 krijgt ik, als Five Star-customer van Amazon de aanbieding binnen een uur zetpillen paracetamol te laten bezorgen. Met een leuke attentie voor de kleine. Dat komt goed uit. De pillen zijn natuurlijk op. Ik stem toe en betaal online.

Om 09.45 piept mijn smartphone en even later landt een drone op het GPS-baken in de achtertuin. Ik open het bagagemandje met mijn vingerafdruk. Inderdaad, een doosje zetpillen en een mooie knuffel van de nieuwste Netflix kinderfilm, die mijn dochter “toevallig” gisteren bekeek op haar tablet. Daar zal ze blij mee zijn.

Klanttevredenheid

Die avond krijg ik een appje met het verzoek een keuzenmenu in de dagverblijf-app in te vullen. Hoe gaat het met mijn dochter? Kan ik inschatten wanneer ze weer op de groep zal zijn? Was alles met Amazon naar wens? Is de bestelling goed aangekomen? Hoe waardeer ik de service?

Na een week neemt mijn dochter de nieuwe knuffel mee naar het dagverblijf. Ik zie realtime op mijn telefoon dat ze is ingechecked. Ik vraag Google een zelfrijdende taxi naar de GPS-locatie van mijn telefoon te sturen; het kinderdagverblijf. Ik ben keurig op tijd op mijn eerste werkafspraak. Amazon stuurt onderweg een “gelukkig-ze-is-beter” appje.

Toekomst?

Nu de grote technologiebedrijven steeds meer grip proberen te krijgen op ons zorgstelsel kan dit zomaar realiteit worden. De hele keten zal er sneller, beter en goedkoper door kunnen worden, gebaseerd op informatie (data) uit cloud- en web-services. Van reclame, op

slag, transporteren, aanbieden tot klanttevredenheid en nazorg. Gratis of net onder de kostprijs. Doktoren, apotheken, winkeliers, transporteurs, pedagogisch medewerkers, administratieve medewerkers, taxichauffeurs; ze zijn in dit voorbeeld niet of minder nodig en dat scheelt mij, de zorgafnemer, tijd, zorgen en geld.

Ben jij als klant klaar voor deze disruptive ontwikkeling?

En als medewerker in zorg en welzijn?

Wanneer Amazon de zorgketen beheerst

Of als bestuurder?

Hans Versteegh, Welzijn 3.0

 

Volg ook de inspirerende workshop “Ben jij er klaar voor?”  https://www.welzijn30.nl/ben-jij-er-klaar-voor/

Gamechanger (blog op Zorg en Welzijn april 2018)

Gamechanger

Het zijn tijden!

Ik hoef het niet uit te spellen, dat doen de media wel. Maar toch een korte opsomming zodat je weet waar ik het over heb.

– Facebook blijft onder vuur liggen vanwege het vaag omgaan met onze meest privé geachte informatie. Hadden we het mondiaal even goed mis met elkaar. We blijken er ook nog eens mee gemanipuleerd te zijn. Met een portret in het Witte Huis én een vertrekkend land tot gevolg. Wat zegt dat over de andere platformen?

– E-mails en wachtwoorden van miljoenen Nederlanders zijn doorzoekbaar voor hackers. Een welwillende telg van deze beroepsgroep haalde daarmee het acht-uur journaal. Ik werd door bezorgde mensen gebeld. Hoeveel emailadressen van jou zijn er op hackerlijsten terecht gekomen? Van mij twee.

– We hebben gemeenteraadsverkiezingen achter de rug waar de partij die blijkbaar het slimst social media inzette de grootste winst behaalde (dat kan ergens ook aan de doelgroep liggen). Veel sociaal werkers zullen deze uitkomst denk ik, niet heel erg vinden. Ik ken in ieder geval 1 sociaal boegbeeld c/q senator waar de champagne open zal zijn gegaan.

– Tegelijk is het referendum over de nieuwe inlichtingenwet gewonnen door (dezelfde?) mensen die daar zo hun bedenkingen bij hebben. Ik denk, terecht. De balans tussen veiligheid en privacy sloeg naar mijn smaak de verkeerde kant op in het wetsvoorstel. Je moet rechters laten oordelen over inbreuken op privacy om veiligheid te waarborgen. Niet een politicus. De scheiding van macht en rechtspraak heeft ons ver gebracht.

– Nu we het er toch over hebben; we kennen nu een minister op VWS die verklaart heeft dat hij er niks voor voelt extra regels op te stellen voor het omgaan met privacy gevoelige registratie binnen het sociaal domein. Ook niet na kamervragen.

Dit zijn gegevens van hulpbehoevende en kwetsbare mensen. Misschien heeft de minister een punt, maar dat betekent dan wel dat gemeenten hier een zware verantwoordelijkheid hebben.

Ik constateer daar helaas een zorgwekkende tegenstelling. Gepruttel onder het mom van “ja maar, anders kunnen we ons werk niet goed doen” en een niet te stillen honger naar data over jou en mij. Gemeenten willen iets te graag Facebookje spelen, zeg maar.

Vertrouw jij het nog?

Ik snap je wanneer dat vertrouwen een deuk heeft gekregen. Ondertussen pleitte ik eerder op deze plaats voor het pakken van je mediamomenten. En heb ik je aangespoord je voor te bereiden op een digitale toekomst in je professionele bestaan.

“Zeg Hans, is dat niet een beetje tegen de stroom in? Heb je iets met windmolens?”

Ik denk van niet.

’s Heeren Loo bewijst dat door juist in deze woelige tijden de vlucht voorwaarts te nemen. In het paasweekeind lanceerde sHL een uitgebreid digitaal platform om de digitale vaardigheden van medewerkers in de zorg te vergroten. Kijk op http://www.digitaal-vaardig.nl. Een programma waarbinnen ondergetekende het onderdeel social media mede mocht samenstellen.

Met plezier werkte ik hier aan mee. Privacy en verantwoord omgaan met digitale gegevens is gelukkig een belangrijk onderdeel van dit programma. Medewerkers leren er mee te dealen voor zichzelf, maar zeker ook voor hun cliënten; verstandelijk gehandicapten die aan hun goede zorgen zijn toevertrouwd.

Even heb ik geen reden meer om te mopperen (excuus, ik draaf soms door). Hier trekt een toonaangevende organisatie in mijn ogen een lange neus naar ministerie, beroepsverenigingen, vakbonden, instellingen, organisaties en onderwijs. Vanuit een verantwoordelijkheid naar cliënten en professionals. Om hen de middelen te geven om verstandig -samen- digitaal te werk te kunnen gaan. Juist in deze roerige tijden.

Is dit een gamechanger?
Ik zeg, dat zouden er meer moeten doen.
Wie volgt?

Hans Versteegh
Welzijn 3.0

Verscheen in april 2018 als blog op Zorg en Welzijn

Podcast Welzijn 3.0

Wauw, wat ben ik blij met de podcast Welzijn 3.0 (opname) die Jelle de Boer, bekend van zijn vlogs in sociaal werk, van en met mij maakte. Hij wilde wel eens weten hoe dat nou zit, met digitalisering in het sociaal werk, en hoe ik daar zo’n voorstander van ben geworden. Interessante kost dus, voor wie mij beter wil leren kennen. (48 minuten).

Jelle de Boer over deze podcast Welzijn 3.0

“In deze eerste aflevering van De Socialogen ga ik in gesprek met Hans Versteegh. Hans is een doorgewinterde sociaal werker en expert in Nederland op het gebied van de inzet van social media in het sociaal werk. We hebben een leerzaam gesprek over de intrede van social media in het werkveld en daarbij dus de digitalisering als onderdeel van ons vak. De vraag is dus niet of je mee moet doen met de digitalisering als sociaal werker, maar de vraag is hoe je dit op een goede manier kunt doen. Welke keuzes kun je maken en wat kan het je opleveren?Wat is het belang van deelname aan online communities als sociaal werker? Ook bespreken we twee uitersten: Aan de ene kant De digitale kloof en aan de andere kant de vraag of robots het sociaal werk in de toekomst van de mens kan overnemen.”

Vond je dit interessant en wil je In contact komen met Hans / Welzijn 3.0 om te informeren naar wat hij in jouw organisatie kan betekenen? Bel dan naar 06 44 06 20 29 of mail naar info@welzijn30.nl

Wil je in contact komen met Jelle?
Kijk op www.jelledeboer.nu of www.facebook.com/zichtbaarmetjelle of mail naar info@jelledeboer.nu

Kijk ook op https://www.welzijn30.nl/

Podcast Welzijn 3.0

Mijn tuinkantoor als opname studio, weer eens wat anders. Podcast Welzijn 3.0

BewarenBewaren

Blog Zorg en Welzijn december 2014, wat we van de Engelsen kunnen leren

Werk houden en nieuw werk vinden is een onderwerp dat bijna iedereen in de sociale sector bezig zal houden. Als je een baan hebt staat die wellicht op de tocht. Als je geen werk hebt wil je graag snel weer aangenomen worden. Of je begint misschien voor jezelf? Hoe dan ook, die arbeidsmarkt is in beweging.

Werk houden en werk vinden
Als social media trainer in deze sector zie ik om mij heen dat mensen die jarenlang met plezier hebben gewerkt er ineens mee moeten stoppen of datzelfde werk anders moeten gaan doen. En dan …? Nieuwe vragen komen dan op je af waar je soms niet meteen een antwoord op hebt. Zoals: wat kan je en wat wil je eigenlijk? Hoe buig je mee zodat je je werk kunt blijven doen? En, hoe verkoop jij jezelf?

Dit speelt niet alleen bij ons. Ook aan de andere kant van Het Kanaal leeft dit onderwerp. Onlangs werd vanuit Groot Brittannië een webinar gegeven met als titel: “The social work job market in the UK.” Er was door een bemiddelingsbureau aldaar (Community Care) onderzocht hoe de arbeidsmarkt er in dat land uit ziet.

Het leuke van een webinar is dat je vragen kunt stellen. Ik vroeg het volgende: “In Nederland pushen de autoriteiten werkzoekenden om sociale media in te zetten bij het vinden van nieuwe banen. Ik heb net gezien dat volgens jullie cijfers dit in de UK maar in 8% van de gevallen gebruikt wordt. Hebben jullie een idee waarom?”

Volgens de onderzoekers van dit bureau gebruiken sociaal werkers in de UK weinig sociale media vanwege privacy redenen. Ze willen niet gevonden worden door of verbonden worden met hun cliënten. Nu moet je weten dat sociaal werkers daar zich al snel met multi-probleem cliënten bezighouden. Denk aan onze GGZ, jeugdzorg, crisisopvang, huiselijk geweld-aanpak, etc. Dat je met zo’n functie liever niet gevonden wil worden, begrijp ik. Dat is hier niet anders.

Onbedoelde gevolgen
Het Nederlandse UWV zal jou als werkzoekende juist stimuleren online actief te zijn, op bijvoorbeeld Linkedin. Ongeacht welke doelgroep je hebt. Maar misschien is het helemaal niet in jouw belang om online vindbaar te zijn? Ook niet om nu een baan mee te vinden. Wat eenmaal online staat blijft vindbaar. Ook als je straks weer nieuwe cliënten hebt. Misschien bezorg je zo onbedoeld jezelf, je nieuwe werkgever en je nieuwe cliënten juist problemen rond veiligheid?

Ik heb eens een social media presentatie gegeven aan kaderleden van een politiebond. De vakbond wilde graag dat haar kaderleden de bond zichtbaarder maakten door op sociale media actief te zijn. Maar die kaderleden werkten tegelijk in gevangenissen en bij de recherche. Geen haar op hun hoofd die er aan dacht sociale media te gaan gebruiken.

Voor de gemiddelde sociaal werker in ons land zal dit niet zo’n probleem zijn. En heb je er juist wel voordeel bij om je Linkedin-profiel netjes in orde te hebben wanneer je gaat solliciteren. Personeelsmanagers kijken er naar! Maar kritisch kijken naar wat je plaatst is altijd erg gezond.

Draai het om
Wat deze onderzoekers in de UK doen, is het omdraaien. Zij menen dat niet de werkzoekende sociaal werker online vindbaar moet zijn maar juist de werkgever die goed personeel zoekt. Volgens de onderzoekers van het bemiddelingsbureau gebruiken Britse sociaal werkers die werk zoeken sociale media namelijk wel om te informeren bij zittende werknemers hoe het is om bij die instelling te werken, wanneer daar een vacature is.

Volgens hen is er voor Britse werkgevers dan ook nog een wereld te winnen als het gaat om zichzelf en hun instelling te profileren op sociale media. Om daarmee laagdrempelig te zijn, te laten zien dat ze transparant en mensgericht zijn en daarmee goede sollicitanten aantrekken.

Britse werkzoekende sociaal werkers reageren namelijk het best op vacatures waaruit blijkt dat ze als werker en als mens serieus genomen worden. Ze willen vooraf weten hoe het is om ergens te werken. Het helpt enorm wanneer ze iemand kennen die er al werkt, of weten wie hiervoor (online) te benaderen is.

En bij jou?
Heeft jouw instelling al een Linkedin bedrijfspagina? Is er iemand die over jullie werk blogt? Weet jij naar wie je nieuwe kandidaten kunt verwijzen wanneer ze online navraag doen naar de werksfeer bij jullie?
En … is je eigen Linkedin-profiel nog wel up-to-date? Misschien is het een idee om daar in de kerstvakantie eens even naar te kijken?

Fijne feestdagen en een goed 2015!

Hans Versteegh
De sociaalste social media trainer
www.welzijn30.nl

Trend social media 2010, mijn gastblog verscheen vandaag.

Vandaag verscheen in een serie mijn gastblog op de site van Anneke Krakers. Ze vroeg mij een blogartikel te schrijven over een van de door haar gesignaleerde trends in welzijn in 2010.

Op haar site Welzijnsmarketing  staat de volgende inleiding:

Het eerste gastblog is zojuist verschenen! Dit is het eerste gastblog van de 11 die gaan komen. Uiteraard heb ik mijn Welzijn 2.0 maatje Hans Versteegh gevraagd om zijn mening als het gaat om trend 8 in 2010: ”Social media is booming: welzijnswerkers twitteren, bloggen, hyven en zijn te vinden op Linkedin. Via sterke sociale netwerken hervinden zij beroepstrots en laten ze zien dat ze experts zijn in sociale beweging.”

Over onze beroepstrots zegt hij: “Er is –bij mij althans- een beeld ontstaan van jonge, frisse, gemotiveerde, goedgebekte, ondernemende, zeer betrokken en zelfbewuste welzijnswerkers die claimen sociale experts te zijn. Zij mengen zich actief in discussies op het internet en bepalen daardoor mede de koers van de sector.”

Lees mijn gastblog hier: https://www.annekekrakers.nl/2010/12/sociaal-media-is-booming-gastblog/

Ik ben benieuwd naar de reacties!